verwijzers
Wonen-doe-je-thuis
Basismodule 29. Behandelgroep.
Zorgvorm: Verblijf accommodatie zorgaanbieder, 24-uurs.
1 Inhoud van de module
1.1 Visie
De zorg is erop gericht de problemen in de thuissituatie op te lossen. De last van het opvoeden kan voor ouders zo zwaar zijn, dat alleen gezinsbehandeling niet genoeg is. Als een verblijf elders noodzakelijk is –en dit niet kan in een ander gezin- wordt de behandelgroep ingezet.
In het residentiele zorgprogramma wordt een jeugdige in de leeftijd tussen 8 en 16 jaar opgenomen met als doelstelling een terugkeer naar huis of een oriëntatie op terugkeer naar huis. Uitgangspunt is dat het bieden van 24-uurszorg zoveel mogelijk gericht is op het verbeteren van de opvoedingsrelatie tussen ouders en kind.
Door variabelen in het kind, de opvoeder en/of de omgeving kan het ontwikkelingsproces stagneren. Het aantal dagen dat een jeugdige in de behandelgroep verblijft, is sterk afhankelijk van de hulpvraag, gebaseerd op de draaglast van het opvoedingsprobleem en de draagkracht van kind en ouders.
Opvoeden en begeleiding van de jeugdige staan in het zorgprogramma centraal.
De opvoeding en behandeling in de behandelgroep richt zich op problemen aanwezig bij de jeugdige, welke een leeftijdsadequate ontwikkeling belemmeren. De doelen waaraan gewerkt wordt in de behandelgroep hebben verbinding met de doelen in de thuissituatie als het gaat om de opvoedingsondersteuning van de ouders. Vertrekpunt van het zorgprogramma is dat de verantwoordelijkheid voor opvoeding bij ouders ligt, tenzij anders bepaald. Daarom wordt alles in het werk gesteld om ouders de opvoedings-verantwoordelijkheid weer helemaal zelf te laten dragen, zonder of met zo min mogelijk hulpverlening.
De pedagogisch medewerkers richten zich daarbij op zowel opvoeden en behandeling in de groep als opvoeden en behandeling thuis. Opvoeden is een wisselwerking tussen ouder en kind en pm-ers. De pedagogische medewerker is in het zorgprogramma de verbindende schakel als het om opvoeden gaat.
In de behandelgroep gaan we uit van het principe “Specifiek opvoeden”. Specifiek opvoeden is overaccentuering van het normale opvoedingsproces. De behandeling in de groep is gericht op herstel van het “gewone leven”.
De behandelgroep is een gewoon huis in een gewone straat, in een groep van maximaal 8 kinderen, die er een deel van de week verblijven.
Maatschappelijke deelname en behoud van goedlopende contacten wordt zoveel mogelijk nagestreefd. In de behandelgroep wordt een zo alledaags mogelijk leefklimaat nagestreefd. Het gewone leven gaat gewoon door. Naar school gaan, spelen, vrienden ontvangen, samen eten, de kamer opruimen; het hoort er allemaal bij. Het gewone leven betekent ook dat het kind/de jongere kan deelnemen aan het sociale leven in de wijk c.q. stad, maar de voorkeur gaat uit naar behoud van positieve/succesvolle contacten uit de eigen omgeving, bijv. lid blijven van de voetbalclub en dezelfde school blijven bezoeken als vanuit thuis.
Methodisch wordt gebruik gemaakt van o.a.:
- vraagstellingsdenken van Kok;
- oplossingsgerichte technieken;
- competentiegerichte technieken;
- gedragstherapeutische technieken;
- systeemgerichte technieken.
Voor de opvoedingsondersteuning wordt gebruik gemaakt van Triple P niveau 4.
Voor de oudergroepen wordt eveneens Triple P ingezet en verder themabijeenkomsten, psycho- educatie, uitwisseling (lotgenoten, m.n. bij de behandelgroep voor autismespectrum stoornissen) en Brusjesgroepen.
1.2 Functie(s)
Verblijf.
1.3 Doelen
Op het domein cognitie zijn de volgende doelstellingen mogelijk:
- de beperkingen die de jongere belemmeren zijn gecompenseerd of vervangen;
- de problemen zijn verholpen en/of vaardigheden zijn verbeterd;
- de jeugdige begrijpt beter wat er met hem aan de hand is;
- het probleemoplossende vermogen is op concreet gedragsniveau verbeterd;
- de ouders/verzorgers en andere gezinsleden begrijpen beter wat er met de jeugdige aan de hand is.
Op het domein persoonlijkheid zijn de volgende doelstellingen mogelijk:
- verdere toename van ontwikkelingsachterstand van de jongere is voorkomen;
- het zelfbeeld is verbeterd.
Op het domein emoties zijn de volgende doelstellingen mogelijk:
- de jongere heeft de controle over zijn emoties verbeterd;
- de jongere heeft meer zicht gekregen op de inhoud van zijn emoties;
- de jongere heeft ingrijpende gebeurtenissen verwerkt of deze zijn dragelijk geworden.
Op het domein gedrag zijn de volgende doelstellingen mogelijk:
- de gedragsproblemen van de jongere zijn verminderd;
- het zich houden aan structuur (regels, normen en waarden) is verbeterd;
- de jeugdige kan zichzelf vermaken;
- de jongere is in staat om zichzelf te verzorgen.
Op het domein netwerk zijn de volgende doelstellingen mogelijk:
- de jongere heeft een ondersteunend netwerk opgebouwd;
- het sociaal functioneren conform leeftijd, is verbeterd.
Op het domein gezin zijn de volgende doelstellingen mogelijk:
- de praktische opvoedingsvaardigheden zijn vergroot en versterkt, aansluitend op de problematiek van de jeugdige;
- het gezinsklimaat is verbeterd passend bij ouders, het gezin en de problematiek van de jeugdige.
Op het domein omgeving zijn de volgende doelstellingen mogelijk:
- de activiteiten in zijn vrije tijd zijn toegenomen;
- de vaardigheden om met zijn omgeving om te gaan zijn verbeterd.
1.4 Activiteiten
Werkvorm behandelgroep
Verblijf, verzorging en opvoeding vindt plaats vanuit een veilig basisklimaat met een duidelijke dagstructuur (regels, afspraken, protocollen). De pedagogische medewerkers dragen zorg voor opvoeding van de kinderen. Ze zorgen voor sfeer, structuur, bieden houvast en veiligheid. Ze doen samen met de kinderen activiteiten in alledaagse situaties, zoals koken, samen eten, samen spelen. Deze bezigheden worden door de pedagogische medewerkers zo gehanteerd dat de jeugdige zich op zijn gemak kan voelen en er basis is voor groei en ontwikkeling.
Het kind/de jongere krijgt in de behandelgroep gerichte ondersteuning bij zijn ontwikkeling en gedragshantering.
Naast het vasthouden van een leefritme wordt in begeleidingsgesprekken gewerkt aan doelen welke voor ieder kind/jongere persoonlijk zijn opgesteld, gerelateerd aan diens ontwikkeling.
De jeugdige wordt opgenomen in een groep waar dagelijks maximaal 8 kinderen een deel van de week verblijven. Elke jeugdige heeft een persoonlijk begeleider. De persoonlijk begeleider werkt met het kind aan de opgestelde doelen uit het hulpverleningsplan. Ook onderhoudt hij/zij het contact met ouders, school, casemanager en overige betrokkenen. Daarnaast worden ouders bij het verblijf van hun kind betrokken via bezoek en/of actieve deelname aan de groep.
Werkvorm pedagogische thuistraining
De jeugdige krijgt ook thuis hulp van zijn persoonlijke begeleider bij zijn ontwikkeling en gedragshantering. Dit gebeurt altijd in samenhang met de opvoedingshulpvragen van de ouders: De persoonlijke begeleider van het kind in de groep gaat ook mee naar huis om pedagogische interacties tussen ouders, (broertjes/en/of zusjes) en kind te ondersteunen. De persoonlijke begeleider geeft praktische tips en handvatten hoe om te gaan met het specifieke gedrag van de jeugdige in specifieke opvoedingssituaties. Hierdoor wordt de transfer van het geleerde en de specifieke aanpak in de behandelgroep naar het thuisfront gerealiseerd waardoor beide leefwerelden dichter bij elkaar worden gebracht.
De pedagogische medewerker werkt vaak intensief samen met de gezinsmedewerker van de module “ambulante gezinsbegeleiding”.
Werkvorm oudergroep
In oudergroepen wordt gezamenlijk getraind op het gebied van opvoedingsvaardigheden en/of worden relevante thema’s besproken.
Werkvorm Brusjesgroep
De Brusjesgroep is gericht op het ondersteunen van broertjes en zusjes van het uit huis geplaatste kind.
De volgende thema’s komen aan de orde:
- acceptatie en verwerking;
- informatie en uitwisseling;
- psycho-educatie (behandelgroep autisme);
- praktische pedagogische begeleiding.
In de groep staan de ervaringen van broer(s) en/of zus(sen) centraal en de inhoud van de cursus is gebaseerd op hun vragen en wensen.
Bij samenstelling van deze begeleidingsgroep wordt o.a. gebruik gemaakt van reeds bestaand materiaal, zoals het boek "Nu ik in de hoofdrol". Voor de autismegroep wordt gebruik gemaakt van het boek: "Ik ben speciaal".
1.5 Locatie
Er is een zorgprogramma in Den Bosch en in Heesch. Specifiek voor jeugdigen met een stoornis in het autistische spectrum is er een zorgprogramma in Oss.
1.6 Frequentie
Verblijf op maat houdt in dat de jeugdige één of meer dagen per week en/of een weekend thuis doorbrengt. Ook de schoolvakanties en feestdagen brengt de jeugdige zoveel mogelijk thuis door.
1.7 Duur
De behandeling is bedoeld om tijdelijk -niet langdurig- de te zware belasting uit het gezin weg te nemen. De gemiddelde duur is één jaar.
2 Ontvangers van de module
De module is geschikt voor jongeren van 8 tot en met 16 jaar.
2.1 Indicaties
Problematiek (conform ISIS-tabel):
Op het domein psychosociaal functioneren is er sprake van problemen op het gebied van (sociaal)gedrag, emotie en denken.
Op het domein gezin en opvoeding zijn er problemen in het pedagogisch klimaat, opvoeding en verzorging.
Op het domein omgeving van jeugdige zijn er problemen in het sociaal netwerk van de jeugdige, vrienden en vrije tijd.
Overig:
- de jeugdige beschikt over een normaal intelligentieniveau;
- de jeugdige is afkomstig uit de regio noordoost Noord-Brabant;
- de jeugdige heeft een dagbesteding (school, stage of werk);
- de jeugdige wordt in staat geacht een open leefsituatie aan te kunnen, o.a. zich aan afspraken te houden met betrekking tot aan- en afwezigheid in de behandelgroep;
- bij psychiatrische problematiek is voorwaarde dat het gedrag gestabiliseerd is en dat voorafgaand aan de plaatsing de achterwacht met de GGz is geregeld;
- een psychiater heeft een diagnose in het autistische spectrum gesteld (residentieel zorgprogramma autisme).
2.2 Contra-indicaties
- extreem agressief of crimineel gedrag;
- extreme structuurbehoefte (bijvoorbeeld behorend bij een drieleefsferen internaat);
- verslavingsproblematiek (bijvoorbeeld alcohol- en drugs- of gokverslaving);
- zware psychiatrische problematiek. Bij psychiatrische problematiek is het voorwaarde dat het gedrag gestabiliseerd is en dat voorafgaand aan plaatsing optimaal de achterwacht is geregeld met de GGz;
- zware lichamelijke handicap;
- een IQ lager dan 80.
3 Organisatorische en financiële aspecten
3.1 Betrokken disciplines
- Behandelcoördinator.
- Pedagogische medewerkers.
- Huishoudelijke hulp/gastvrouw.
3.2 Voortgangsbewaking
De ambulante gezinsbegeleider start met de aanspraak jeugdhulp thuis de hulpverlening in het gezin, en zet op maat de functie verblijf in.
De pedagogische medewerker, levert onder verantwoordelijkheid van de behandelcoördinator, de bijdrage vanuit het zorgprogramma aan het hulpverlenings-plan.
In hulpverleningsplan zijn zowel hulpvraag als doelen vastgelegd. Dit plan wordt besproken met gezin en afhankelijk van type casemanagement besproken met of opgestuurd naar verwijzer. Met de cliënt wordt een evaluatietermijn afgesproken. Dit is afhankelijk van de indicatietermijn. Dan wordt geëvalueerd hoe is gewerkt aan de afgesproken doelen, welke resultaten dit geeft en welke doelen nog gesteld worden voor de volgende periode. Uiteraard komen jeugdige, gezin en hulpverlener regelmatig bij elkaar om te kijken naar de effecten van alle inspanningen. Als dat nodig is, worden doelen/plannen bijgesteld.
De pedagogische medewerker registreert in het hulpverleningsplan de doelen en interventies, contacten worden geregistreerd in contactjournaals.
3.3 Betrokkenheid cliënt
De ouders en jeugdige, en eventueel andere gezinsleden, zijn partner in het gesprek over hulpverleningsplan en evaluatie, en de overeenstemming tussen cliënt en hulpverlener vormen onderdeel van hulpverleningsplan en evaluatierapport.
Als blijkt dat de jeugdige zich thuis (met intensieve ambulante ondersteuning) onvoldoende kan ontwikkelen, wordt er toegewerkt naar een passend (gezinsvervangend) alternatief.
Ouders betalen een ouderbijdrage aan het Landelijk Bureau Inning Ouderbijdragen (LBIO). Ze worden bij het LBIO aangemeld door de case-manager.
3.4 Combinaties van modules
Binnen het programma worden binnen de basismodule verblijf behandelgroep de volgende werkvormen aangeboden:
- weekbehandeling;
- weekend en/of vakantiebehandeling;
- pedagogische thuishulp;
- ouder- en Brusjesgroep.
Via een aparte zorgaanspraak wordt altijd gecombineerd met:
- intensieve gezinsbegeleiding (basismodule: jeugdhulp thuis specialistisch, gericht op het gezin).
Aanvullende module, die via een aparte zorgaanspraak kan worden gecombineerd, is: sociale leeractiviteiten (basismodule).


